top of page

Werk en moederschap. Hoe zit het met uitval van vrouwen op de werkvloer na de geboorte van een kind?

Zwangerschap en de geboorte van een eerste kind zijn levensgebeurtenissen die veel veranderen — lichamelijk, mentaal én praktisch. Toch bestaat er nog vaak het beeld dat vrouwen na de komst van een kind massaal uitvallen op de arbeidsmarkt. De cijfers laten een ander, genuanceerder verhaal zien.


Er zijn verschillende cijfers en studies die de werkuitval of werkhervatting van moeders na de geboorte van een kind beschrijven. Deze cijfers variëren per land, tijdsperiode en de specifieke demografische kenmerken van de moeders. Toch kunnen enkele algemene trends worden onderscheiden:




Tijdelijke uitval is normaal – structurele uitval veel minder

Rondom zwangerschap en bevalling is er vrijwel altijd sprake van tijdelijke uitval, simpelweg omdat vrouwen in Nederland recht hebben op 16 weken zwangerschaps- en bevallingsverlof, met een uitkering ter hoogte van 100% van het dagloon (tot het wettelijke maximum) (CBS/UWV 2024).

Deze periode is bedoeld voor herstel en de zorg voor een pasgeboren kind. Het is belangrijk om deze tijdelijke, geplande afwezigheid niet te verwarren met structurele uitstroom uit werk. Uit cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek blijkt namelijk dat de overgrote meerderheid van vrouwen die vóór hun zwangerschap werkte, ook na de geboorte verbonden blijft aan de arbeidsmarkt (CBS 2024).


Werkhervatting: vrouwen blijven werken, maar vaak anders

Na het verlof keren de meeste moeders terug naar hun werk. In Nederland heeft meer dan 80% van de moeders met minderjarige kinderen betaald werk (CBS 2023/2024). Dat betekent echter niet dat alles weer hetzelfde is als vóór de zwangerschap.

Wat wél vaak verandert, is de manier waarop vrouwen werken. In de jaren na de geboorte van een eerste kind kiezen veel vrouwen voor:

  • minder werkuren,

  • een deeltijdbaan in plaats van voltijd,

  • of een functie met meer flexibiliteit en autonomie.

Deze keuzes hangen samen met de combinatie van werk en zorg, maar ook met herstel, slaapgebrek en veranderde energieverdeling. Het gaat dus zelden om stoppen met werken, maar veel vaker om herinrichting van werk (CBS 2024).


Werkuren: het grootste zichtbare effect van moederschap

CBS-gegevens laten dit verschil duidelijk zien.Vrouwen zonder kinderen werken gemiddeld ongeveer 35 uur per week, terwijl vrouwen met kinderen gemiddeld ruim onder de 30 uur per week werken (CBS 2024).

Deze vermindering van werkuren verklaart ook een belangrijk deel van het zogenoemde baby-inkomenseffect: zes jaar na de geboorte van het eerste kind ligt het inkomen van vrouwen gemiddeld circa 35% lager dan vóór de geboorte. Bij mannen is er in diezelfde periode geen inkomensverlies (CBS 2024).

Belangrijk om te weten: dit effect is minder groot dan bij eerdere generaties. In de jaren ’90 was het inkomensverlies na het eerste kind aanzienlijk groter. Dat laat zien dat vrouwen tegenwoordig vaker blijven werken en sneller terugkeren dan vroeger (CBS 2024).


Wat maakt werkhervatting lastig?

Dat werkhervatting niet altijd vanzelf gaat, heeft meerdere oorzaken. Onderzoek van het Sociaal en Cultureel Planbureau laat zien dat veel moeders moeite ervaren met het combineren van werk en zorg, vooral wanneer er weinig flexibiliteit is in werktijden of werkplek (SCP 2023).

Factoren die werkhervatting beïnvloeden zijn onder andere:

  • mate van lichamelijk en mentaal herstel na zwangerschap,

  • beschikbaarheid en betaalbaarheid van kinderopvang,

  • flexibiliteit in werktijden en thuiswerkmogelijkheden,

  • en ruimte om werkbelasting geleidelijk op te bouwen.

Moeders die meer autonomie en flexibiliteit ervaren, keren aantoonbaar eerder en duurzamer terug naar werk (CBS 2024).


Nederland in internationaal perspectief

Nederland valt internationaal op door een combinatie van:

  • een hoge arbeidsparticipatie van moeders,

  • én een zeer hoog aandeel deeltijdwerk onder vrouwen met kinderen (CBS 2024; Eurostat 2023).

In Scandinavische landen, zoals Zweden, is het ouderschapsverlof veel langer (tot 480 dagen). Moeders keren daar vaak later terug, maar blijven daarna relatief vaker voltijds werken. In landen met weinig verlof, zoals de Verenigde Staten, keren moeders sneller terug, maar met meer inkomensonzekerheid en minder structurele ondersteuning (Eurostat 2023; OECD 2023).

Deze verschillen laten zien hoe sterk beleid en werkomgeving het werkgedrag van moeders beïnvloeden.


Meer kinderen, andere keuzes

Het aantal kinderen speelt eveneens een rol. Vrouwen met meerdere kinderen werken gemiddeld vaker deeltijd en breiden hun werkuren minder vaak uit dan vrouwen met één kind. Dit hangt samen met de cumulatieve belasting van zorg, herstel en beschikbare energie (CBS 2024).


Tot slot

De cijfers laten een helder beeld zien:

  • De meeste moeders stoppen niet met werken na de geboorte van hun eerste kind (CBS 2024).

  • Tijdelijke uitval rond de bevalling is normaal en gepland.

  • De grootste verandering zit in werkuren en werkvorm, niet in motivatie of betrokkenheid bij werk.

  • Over de tijd blijven vrouwen steeds vaker actief op de arbeidsmarkt, ook na kinderen.

Zwangerschap en moederschap vragen dus geen afscheid van werk, maar om bewuste keuzes, goede begeleiding en ruimte voor herstel.


Goed voor jezelf zorgen als (aanstaande) moeder?

Goed voor jezelf zorgen betekent begrijpen wat er in je lichaam gebeurt, hoe je energie verandert en hoe je werk en herstel slim combineert.Wil je daar praktisch en onderbouwd mee aan de slag? Dan is Energielabel A – Word een energieke moeder een fijne gids. In dit boek deel ik kennis en tools die je helpen om bewust keuzes te maken voor je lichaam, je energie én je werk – juist in een fase waarin de lat vaak hoog ligt.


EnergieLabel A ~ Word een energieke moeder!
€29.95
Nu kopen

Opmerkingen


bottom of page